Welke technicus controleert welk stooktoestel? (Vlarem-trein 2015)

September 4, 2016

 

De Vlaamse regering verduidelijkt welke technici, welke types van centrale stooktoestellen mogen controleren, en wat een niet-erkende schoorsteenveger nog mag doen. Zij wijzigt ook het reinigingsattest en voert een nieuw model van verbrandingsattest in.

 

Rookgasafvoerkanaal

 

Het rookgasafvoerkanaal van open stooktoestellen moet voortaan geplaatst worden volgens de voorschriften van de code van goede praktijk van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie. En dit zowel bij centrale stooktoestellen die gestookt worden op vloeibare of gasvormige brandstoffen, als bij de toestellen die werken op vaste brandstoffen. Voor die laatste groep bestond er al een verplichting om het rookgasafvoerkanaal te plaatsen volgens de technische handleiding van de fabrikant, maar de richtlijnen uit de code van goede praktijk primeren voortaan.

 

 

De erkende technicus of geschoolde vakman zal bij zijn keuring vóór eerste ingebruikname en bij elk later onderhoud dus moeten nagaan of de geldende normen inzake het rookgasafvoerkanaal wel werden gerespecteerd. Vandaar dat ook het model van verbrandingsattest wordt aangepast.

 

Toestel op gas

 

De eigenaar van een centraal stooktoestel staat in voor de keuring voor eerste ingebruikname. De gebruiker van het toestel (bv. bij verhuur) moet zorgen voor het onderhoud. Centrale stooktoestellen op gasvormige brandstof moeten zo om de 2 jaar een onderhoudsbeurt krijgen. Dat onderhoud moet uitgevoerd worden door een erkende technicus, maar in de huidige regelgeving is nog sprake van de oude indeling van de technici. Die technici worden echter niet meer ingedeeld volgens het type van toestel, maar volgens het type van brander.

 

 

De bevoegde technicus moet dus een erkende technicus gasvormige brandstof van niveau GI of GII zijn voor gasketels met een niet-premixbrander of premixbrander, en moet in elk geval een technicus van niveau GII zijn voor gasketels met een ventilatorbrander.

 

Attesten en rapporten

 

In het verbeterde model van reinigingsattest wordt de oude indeling in atmosferische gasketels, gasunits, en gasketels met een ventilatorverbranding, eveneens vervangen door de huidige indeling in niet-premix (GI), premix (GI) en gasketel met ventilatorbrander (GII).

 

 

In het nieuwe model van verbrandingsattest wordt dezelfde correctie doorgevoerd, wordt er bij de vaste brandstoffen een opdeling gemaakt in houtpellets, houtblokken, en andere brandstoffen, en wordt er een luik toegevoegd waarin de vakman zich kan uitspreken over de ‘veilige staat van werking’ van het toestel, meer bepaald over de druk in het rookgasafvoerkanaal, de verluchting en ventilatie van het stooklokaal, de dichtheid in het rookgasafvoerkanaal voor gesloten stooktoestellen, en de dichtheid in de brandstoftoevoerleiding. Immers, de vakman moet tijdens zijn onderhoudsbeurt niet alleen de algemene staat van het toestel nakijken, maar ook de veilige werking ervan.

 

 

De inhoud van het keuringsrapport wijzigt niet.

 

 

De eigenaar moet ervoor zorgen dat het keuringsrapport altijd bij het toestel blijft. Vanaf nu mag het exemplaar bij het toestel ook een duplicaat zijn. Als hij een woning verhuurt, kan de eigenaar dus een duplicaat van het keuringsrapport aan de huurder bezorgen en kan hij het origineel bij zijn eigen waardepapieren bewaren.

Gebruiker én eigenaar moeten de attesten van de 2 laatste onderhoudsbeurten bijhouden. En ook hier mogen dat duplicaten zijn.

 

Wie doet wat?

 

Fundamentele wijzigingen zijn er niet, maar het Vlarem-treinbesluit zegt nu uitdrukkelijk welk type technicus, welke taak op zich neemt.

 

 

De persoon die de keuring voor eerste ingebruikname uitvoert, is altijd:

een technicus gasvormige brandstof, als het centrale stooktoestel gevoed wordt met gasvormige brandstoffen; en

een technicus vloeibare brandstof, als het centrale stooktoestel gevoed wordt met vloeibare brandstoffen.

 

 

De persoon die het onderhoud uitvoert, is altijd:

een technicus gasvormige brandstof, als het centrale stooktoestel gevoed wordt met gasvormige brandstoffen; en

een technicus vloeibare brandstof, als het centrale stooktoestel gevoed wordt met vloeibare brandstoffen.

 

 

Een (niet-erkende) schoorsteenveger mag enkel het rookgasafvoerkanaal reinigen en controleren. Een erkende technicus mag dat uiteraard ook doen, maar als de erkende technicus het rookgasafvoerkanaal niet zelf reinigt en controleert, mag hij het onderhoud pas aanvatten nadat hij eerst het reinigingsattest van de schoorsteenveger heeft gezien.

 

 

De persoon die een verwarmingsaudit opstelt, beschikt altijd over een erkenning als:

technicus gasvormige brandstof, voor centrale stooktoestellen op gasvormige brandstoffen met een nominaal vermogen van ten minste 20 kW en ten hoogste 100 kW;

technicus gasvormige brandstof en technicus verwarmingsaudit, voor centrale stooktoestellen op gasvormige brandstoffen met een nominaal vermogen van meer dan 100 kW, of voor installaties met meerdere ketels;

technicus vloeibare brandstof, voor centrale stooktoestellen op vloeibare brandstoffen met een nominaal vermogen van ten minste 20 kW en ten hoogste kW;

technicus vloeibare brandstof en technicus verwarmingsaudit, voor centrale stooktoestellen op vloeibare brandstoffen met een nominaal vermogen van meer dan 100 kW, of voor installaties met meerdere ketels; of

technicus verwarmingsaudit, voor centrale stooktoestellen op vaste brandstoffen.

 

 

Voor alle rapporten en attesten is dus de tussenkomst van een erkend vakman vereist – voor het keuringsrapport, het reinigingsattest van het toestel zelf, het verbrandingsattest, en het verwarmingsauditrapport –, behalve voor de reiniging van het rookgasafvoerkanaal, waar het reinigingsattest ook kan afgeleverd worden door een derde.

 

 

Het Vlarem-treinbesluit voert tot slot administratieve geldboetes in voor eigenaars, gebruikers en technici die hun respectievelijke verplichtingen niet naleven.

 

Stooktoestel

 

Het Stooktoestellenbesluit resumeert de verplichtingen die eigenaars en gebruikers van stooktoestellen hebben op het vlak van onderhoud, het uitvoeren van een verwarmingsaudit, het keuren vóór de eerste ingebruikname en het onderhoud gedurende de werking van het verwarmingstoestel. Een stooktoestel is hier elk technisch toestel waarin vaste (bv. pellets), vloeibare (mazout) of gasvormige (aardgas) brandstoffen verbrand worden om de zo opgewekte warmte te kunnen gebruiken voor het verwarmen van ruimtes en - optioneel - voor het aanmaken van warm water.

 

 

In werking:

■ 5 september 2016.

 

Bron: Besluit van de Vlaamse Regering van 18 maart 2016 tot wijziging van diverse besluiten inzake leefmilieu, BS 26 augustus 2016.

Please reload

Featured Posts

I'm busy working on my blog posts. Watch this space!

Please reload

Recent Posts

January 26, 2018

Please reload

Archive